Engelse tijden
Waar we in het Nederlands gewoon één vorm hebben voor een tijd, heeft de Engelse taal twee vormen: de 'gewone' vorm (1) en de 'ing'-vorm (2).
Zeer algemeen gezegd drukt de 'gewone' vorm (1) een feit uit en de 'ing'-vorm (2) een duur, maar daar valt veel meer over te zeggen.
Klik in een gekleurd vak op de link voor specifiekere uitleg en oefeningen!