Leerlijn rekenen
Cijferen met kommagetallen
Terug naar het overzicht
1. "Ik weet de waarde van een cijfer in een (komma)getal."
Bijvoorbeeld de
4
in
€ 7,41
of de
8
in
1,8 m
.
2.
"
Ik kan onder elkaar optellen."
3.
"
Ik kan onder elkaar aftrekken."
4.
"
Ik kan optellen en aftrekken in een context (verhaaltjessom)."
5.
"
Ik kan onder elkaar vermenigvuldigen."
6.
"
Ik kan slim cijferend delen."